Koningssteden van Marokko

Op reis langs de koningssteden van Marokko is een reis langs de historie. In het noorden liggen Rabat, Fès en Meknès en diep in het zuiden de rode stad Marrakech met daarachter de imposante bergen van het Atlasgebergte waarvan de hoogste toppen meer dan 4.000m. hoog zijn. Deze vier koningssteden zijn door de eeuwen heen allemaal de hoofdstad van Marokko geweest. Elke koning (in Marokko heetten ze vroeger sultan) die het grote rijk op zijn voorganger wist te veroveren wilde zijn eigen nieuwe stad met pracht en praal. Die stad werd dan verdedigd met een hoge stadsmuur en verfraaid met paleizen, moskeeën en een theologische hogeschool: de koranschool. Toen de Fransen in 1912 het land gingen regeren durfden zij het niet aan om zich te begeven in al die smalle straatjes en hoekige stegen. Zij bouwden daarom overal hun eigen nieuwe stad; de ville nouvelle met brede boulevards. Hierdoor is in de koningssteden het oude centrum – de medina – gebleven zoals het was met nog een haast middeleeuwse sfeer.

 

Veel reizigers zijn op zoek naar een reis door Marokko langs alle vier. Bij Maroc Travel doen we oprecht uit eigen ervaring de aanbeveling om niet alle koningssteden in één reis te proppen. Dan zie je immers wel heel veel oude paleizen en koranscholen in één week. Veel leuker is het om een bezoek aan één of twee van die koningssteden te combineren met de Berber cultuur die je buiten de steden vindt en de prachtige en kleurrijke natuur met bergen én woestijn. Als u echt alles in één reis wilt beleven dan raden wij u aan daar minimaal 15 dagen de tijd voor te nemen.  Maar kijkt u vooral ook in ons reisprogramma bij de andere mogelijkheden. Maroc Travel biedt u onder andere een zeer gevarieerde 8 daagse reis waarbij u een bezoek aan Marrakech combineert met een 5 daagse rondreis door Zuid Marokko tot aan de Sahara woestijn. En er is een reis van precies een week om de Geheimen van Marrakech  en de Berber cultuur van het nabije Atlasgebergte te ontdekken. Lees ook de ervaringen in dit reisverhaal. Als u na het ontdekken van Marrakech en het zuiden meer van Marokko wilt zien en beleven dan komt u gewoon nog eens terug voor een bezoek aan Fes en Meknes.

Op vakantie in Marokko; zo anders en zo dichtbij

Met een directe vlucht bent u tegenwoordig in slechts 3,5 uur vanaf Nederland, België of Duitsland in Marrakech. Dat maakt Marokko even dichtbij als een uitstapje naar de Ardennen. Veel reisorganisaties bieden een reis aan langs alle vier de koningssteden. Waarschijnlijk omdat het zo romantisch klinkt en het een must lijkt om ze alle vier te bezoeken. Uit ervaring weten wij dat veel reizigers vaak nog één of meer keren terug naar Marokko gaan. Het is immers relatief dichtbij en een ideale bestemming voor een weekje tussendoor. Veel leuker is het om één van die steden uit te kiezen en daar, en ook in de omgeving van die stad, wat uitgebreider rond te kijken. In Nederland of België gaat u immers ook niet alle grote steden achter elkaar bezoeken om daar de grootste kerk en het oude stadhuis te gaan bekijken. Maroc Travel biedt u een leuke reis van een week waarbij u de noordelijke koningssteden Fès en Meknès bezoekt. En wij bieden u zeer gevarieerde mogelijkheden om Marrakech, de absolute parel van Zuid Marokko, te gaan ontdekken. Als droom-steden-trip of in combinatie met de prachtige omgeving.

Geheimen van Marrakech

Voor ons is en blijft Marrakech, de rode stad in het zuiden, de meest bijzondere koningsstad van Marokko. Hier vindt je echt alles. De kronkelende straatjes en steegjes van de souks, oude paleizen, de eeuwenoude koranschool en het levendige en bijzondere plein Jemaa el Fna. Hier is het 365 dagen per jaar een spektakel. Elke avond weer stroomt het hier vol rondom de eetkraampjes en de artiesten van allerlei pluimage; van acrobaten tot aan verhalenvertellers, dansers en muzikanten. En omdat het erg leuk is om meer te zien dan alleen maar de toeristische buitenkant organiseert Maroc Travel ook een speciale Marokko achter de schermen reis. Samen met arabist en reisjournaliste Mariëtte van Beek gaat u 8 dagen op stap om de geheimen van Marrakech en het Atlasgebergte te ontdekken. Mariëtte schreef o.a. de Dominicusgids van Marrakech en als jonge moeder woonde zij midden in de oude binnenstad terwijl zij onderzoek deed naar tradities en verhalen rondom de talloze graven van belangrijke en minder belangrijke heiligen die u overal in Marrakech treft. Ook neemt Mariëtte u mee voor een uitgebreide excursie naar het kleurrijke Atlasgebergte waar er nog een andere wereld voor u open gaat. Meer info
Als de vertrekdata van de reis met Mariëtte u niet passen of als u liever privé met een eigen groepje op stap gaat dan bieden wij dit programma ook aan met alleen lokale begeleiding.

Op reis langs de historie van de koningssteden

De indrukwekkende geschiedenis van de Berberbevolking, het Romaanse Rijk en de bijna oneindige reeks van sultans die het land regeerden maken een reis langs de koningssteden van Marokko tot een reis langs de geschiedenis. Om optimaal te genieten is het goed om iets te weten over de historie van Marokko. Dat maakt dat u de interessante plaatsen om te bezoeken wat beter begrijpt.

Rondreis langs de koningssteden van Marokko: Rabat, Fès, Meknès en Marrakech

Als vakantiebestemming wordt Marokko steeds populairder; niet alleen vanwege het heerlijke klimaat en de prachtige natuur maar vooral ook om kennis te maken met een heel andere cultuur. Natuur en cultuur zijn nauw verbonden. Het was immers vanwege de ontoegankelijkheid van de bergen en de woestijn dat de Berbers onafhankelijk bleven in hun bled siba; het deel van het land dat niet onderworpen was aan de centrale macht van de El Makhzen.
Heeft u een weloverwogen keuze gemaakt om toch alle koningssteden in één reis te willen bezoeken neem dan bij voorkeur twee weken de tijd. Om ook aan de andere kant van de Hoge Atlas bergen een bezoek te brengen aan de woestijn. Kijk bij onze reis: Marokko koningssteden individuele rondreis.

Eerste inwoners van Marokko

De Berbers zijn de eerste inwoners van het grote land Marokko waar de bergen het binnenland overheersen. De oorsprong van de Berber bevolking is niet helemaal duidelijk. Geschiedkundigen gaan er vanuit dat zij migreerden vanuit het gebied rondom de Kaukasus en dus ergens dezelfde origine hebben als de Europese bevolking. Dit verklaart hoe het komt dat je op sommige afgelegen plekken zomaar een blond kind met blauwe ogen kunt ontmoeten. Al mag de afkomst van de Berbers niet helemaal duidelijk zijn; wat wel duidelijk is zijn de voetstappen van de Romeinen. De archeologische opgravingen van Volubilis vlakbij Meknès zijn daarvan het bewijs. In dit vruchtbare gebied cultiveerden de Romeinen hun graan waarmee ook de bevolking in Rome en vooral ook het Romeinse leger werd gevoed. De historische stad Volubilis was het centrum van de Romaanse provincie in Noord Afrika: Mauritania Tingitana.

De oorspong van Fès

Na de Romeinen waren het de Arabieren die naar Marokko op reis gingen. Zij gaven het land de naam Maghreb; de regio in het westen waar de zon ondergaat. En de Arabieren introduceerden de Islam. Op een vriendelijke en aantrekkelijke manier – waarschijnlijk door gratis onderwijs – zodat het nieuwe geloof ook door de Berbers snel en eenvoudig werd overgenomen. Omdat het grote Arabische Rijk te groot werd om centraal vanuit Bagdad te regeren werden er onafhankelijke dynastieën gevormd die geregeerd werden door sultans. Het woord sultan betekent zoiets als de tweede orde van de macht van de overheid. De allereerste sultan van Marokko in het jaar 788 was Idrisss Ibn Abdallah. Hij is verondersteld de zoon te zijn van Fatima; de dochter van de profeet, en hij overleefde de vervolging van zijn familie door de kalief van Bagdad. Bij aankomst in Volubilis wist hij het vertrouwen van de Berbers te winnen en zij kozen hem uit tot hun leider. En zo werd er een eerste stad gebouwd voor sultan Idriss Ibn Abdallah; de koningsstad Fes. De huidige naam is Fès-el-Bali – Fès de oude. Het heilige graf van de sultan werd later verplaatst naar de steile heuvel tegenover Volubilis en ligt daar nog steeds in het dorpje wat nu de naam Moulay Idriss heeft.

De opkomst van Marrakech

Vanuit het zuiden waren het de karavanen van nomaden die met hun handelswaren naar Marokko trokken. De leider van deze nomaden was Youssef ben Tachfin. Hij was de heerser over de handel door de Sahara. Het oude Kasbah dorp Aït Benhaddou is de belangrijkste herinnering aan deze periode; gelegen op een strategische punt langs de karavaanroute van Fès naar Timboektoe. Die karavanen trokken zelfs tot aan Caïro, Damascus en Baghdad. En in Aït Benahddou moest er een prijs worden betaald om beschermd te worden tijdens de nacht. Youssef ben Tachfin was de oprichter van een nieuwe dynastie, de Almoraviden, en hij startte de bouw van Marrakech ergens rond het jaar 1070. Zijn heilige graf is te vinden aan het plein Youssef Tachfine; vlakbij de Koutoubia en het Koninklijk Paleis.

Na de dynastie van de Almoraviden kwamen er nog vele dynastieën en sultans die de strijd met elkaar aangingen om de macht. De Marokkaanse en Moorse invloeden reikten daarbij zover als het Iberische schiereiland. De hoofdstad van het zuiden van Spanje, Granada met het ons zo bekende Alhambra paleis, was een strategische locatie en in die periode een belangrijke ‘must have’.

 

Tin Mal moskee

In dezelfde periode was het Mohamed Ibn Toumert, een Berber uit de Anti Atlas, die zich vestigde in Tinmel, een klein oord in het centrum van de Hoge Atlas bergen.
Zijn dynastie preekte de uniciteit, het uniek zijn, van God en werden daarom de unitariërs – Almohaden – genoemd. Het dorp en de moskee Tin Mal werden gebouwd als religieus centrum. Er werden verdedigingswerken aan toegevoegd om de moskee te beschermen tegen aanvallen van de Almoraviden. Daardoor ziet de moskee er uit als een imposant fort. Binnenin heeft de moskee fraaie bogen en versieringen in de stijl van de Almohaden, met ten dele nog het authentieke cederhouten dak. Het is één van de twee moskeeën in Marokko die ook voor niet-moslims toegankelijk is.

Fès el Jdid – Fes de nieuwe

De belangrijkste sultan van de Almohaden was Yacoub el Mansour. Hij werd verslagen door de christelijke legers tijdens hun re-conquista. De Berber stam van de Beni Marine kon dit niet verdragen en serieuze gevechten leiden tot de herovering van Marrakech. De start van de dynastie van de Meriniden. In Marrakech doet o.a. de straat Rue Bani Marine – met veel goedkope restaurantjes populair bij vooral ook de Marokkanen zelf – aan deze periode herinneren. In deze periode was het Iberische schiereiland strategisch belangrijk dus ook de Meriniden gingen op weg naar Spanje. Onderweg bouwden zij het nieuwe Fès met veel pracht en praal om hun grootsheid te laten zien. Fès el-Jdid ligt net buiten de stadsmuren van het oude Fès en bestaat eigenlijk alleen uit een aantal grote paleizen omgeven door enorme tuinen.

Saadische graven

De Meriniden warden uiteindelijk verslagen door de Wattasiden die op hun beurt werden verslagen door de Spanjaarden en Portugezen. De tegenzet kwam van een Arabische familie uit het verre zuiden. Vanuit de vallei van de Drâa rivier tussen Ouarzazate en Zagora was het de dynastie en het volk van de Saadiers die de heerschappij over Marrakech herwonnen en ook de handelsroute voor zout en goud door de Sahara naar Timbuktu controleerden en beheersten. Sultan Ahmed el-Mansour was gedurende een lange periode heerser over het land en hij bouwde het enorme Badi paleis. In de tuinen met olijfbomen die het paleis omringden – in het deel van Marrakech dat apart beschermd werd en daarom de naam ‘kasbah-wijk’ heeft gekregen – liet hij indrukwekkende praalgraven bouwen. Eerst voor zijn moeder en later ook voor veel andere leden van zijn familie met als allergrootste natuurlijk een groots monument voor zichzelf. Na de dood van Ahmed el-Mansour werd het land verdeeld onder zijn zonen en het werd pas weer herenigd onder de dynastie van Alaouieten; afkomstig uit de Tafilalet; het gebied in het verre zuiden nabij Erfoud en Rissani. De Alaouieten maakten Meknès tot hun nieuwe hoofdstad en sultan Moulay Ismael regeerde het land voor meer dan 50 jaar (1627-1727). Grote rijkdom werd verkregen en moest natuurlijk ook worden getoond. Het Badi paleis werd volledig gestript en in Meknès verscheen een paleizencomplex wat niet ten onder deed voor het Franse Versailles. De praalgraven van de Saadiers durfde Moulay Ismael echter niet te vernietigen. Daarom werd de toegang naar de graftuin volledig dicht gemetseld. En pas bij toeval weer herontdekt door de Fransen in 1917. In de periode daarna zijn de praalgraven gerestaureerd en voor het publiek opengesteld.

Bled el makhzen – Bled el siba

Het was sultan Moulay Isamel die het land wist te onderwerpen aan zijn systeem van centraal gezag. Maar er bleven altijd delen van het grote land waar de centrale macht geen invloed had: bled el siba. Daar in de bergen en in de woestijn wisten de rebellerende Berber stammen hun eigen macht te behouden. In de 18de eeuw was er een lange periode van verdeeldheid en onenigheid . En werd de bevolking ook nog eens uitgedund door droogte, hongersnood en ziekten. Het land werd een makkelijke prooi voor de indringers vanuit Europa. En uiteindelijk had sultan Moulay Hassan (1873-1894) en vooral zijn onfortuinlijke opvolger de slechts 14-jarige sultan Abd –el-Aziz geen andere keus dan grond en rechten te verkopen aan buitenlandse (Europese) investeerders en akkoord te gaan met bescherming door de Fransen. Zoals in heel Afrika werd macht en invloed verdeeld onder de Europese mogendheden. Spanje werd tevreden gesteld met het noorden, de meest zuidelijke Sahara en met havensteden als Ceuta, Melilla en Tarafaya in het noorden en Ifni aan de Atlantische kust in het zuiden.

Het Franse protectoraat (1912-1956)

Toen de Fransen in 1912 het land gingen regeren maakten zij Rabat tot hun hoofdstad. In het verre verleden was hier door de Almohaden al een burcht gebouwd als basis voor hun expedities naar Spanje. Het geheel van die kasbah, moskee en verblijf werd een ribat (vesting) genoemd. Gedurende meer dan 40 jaar wisten de Fransen en de Spanjaarden het verzet te weerstaan en het was pas na de tweede wereldoorlog, dat de Amerikaanse president Roosevelt zijn belofte deed aan Sultan Mohammed Ben Youssef om hem te steunen in zijn strijd voor onafhankelijkheid en vrijheid. De sultan sloot zich aan bij de Istiqlal; de partij voor onafhankelijkheid. En toen de Fransen de fout maakten hem naar Madagaskar te verbannen werd hij mateloos populair. Na de grote verliezen in Algerije durfden de Fransen geen verdere weerstand te bieden tegen de vrijheidstrijders en zij lieten Mohamed V terug keren naar Marokko.

Marokkaanse onafhankelijkheid

Het was pas in 1956 dat Marokko weer onafhankelijk werd met sultan Mohamed V als de grote held die automatisch tot koning werd uitgeroepen. Helaas overleed de sultan al in 1961 en het was zijn zoon Hassan II die alle macht kreeg. En vast hield. Een grotere tiran als dat hij was is nauwelijks denkbaar. En in het land was iedereen dan ook vooral opgelucht toen hij in 1999 plotseling een natuurlijke dood stierf. Het land was slechts kort in rouw. En iedereen was vooral blij met de nieuwe, relatief jonge koning Mohamed VI die als een moderne koning het land regeert en geleidelijk veel hervormingen doorvoert. Het traditioneel Islamitische land wordt op een open, moderne en tolerante wijze geleid. Vandaag de dag is Marokko een modern land. De economische situatie moet echter nog heel wat beter worden om welvaart voor allen te brengen. De overgrote meerderheid van het Marokkaanse volk is nog steeds heel erg arm en de kloof tussen rijk en arm is nog steeds heel erg groot. Inkomsten uit toerisme en van de expats die geld sturen naar hun achtergebleven familie brengen hier langzaam verandering in.

Op reis langs de Marokkaanse koningssteden is een reis langs de historie

De geschiedenis van Marokko maakt duidelijk waarom de koningssteden de koningssteden zijn en waarom een reis langs deze koningssteden een reis is langs de historie. De verschillende dynastieën met hun grote rijkdom en pracht en praal waarvan nu nog vele overblijfselen zijn te zien met oude stadsmuren, paleizen, moskeeën en Koranscholen. Van de Idrissiden (780-974), gevolgd door de Almoraviden (1073-1174), de Almohaden (1147-1269), de Meriniden (1244-1465), de Wattasiden (1471-1554), de Saadiers (1554-1659) en uiteindelijk de nu nog steeds aan de macht zijnde Alaouiten (1666 – …).

Casablanca; de economische hoofdstad van Marokko

Alhoewel Casablanca in de geschiedenis van Marokko nauwelijks een rol speelt is deze grote stad met witte huizen dé economische hoofdstad van Marokko. Vanuit toeristisch oogpunt is deze grote havenstad dan ook minder interessant om te bezoeken. Met uitzondering van de grote Hassan II moskee. Eén van de zeven grootste moskeeën op aarde gebouwd in opdracht van koning Hassan II in 1986 en gereed gekomen in 1993. De minaret is 210 meter hoog en de bouwkosten worden geschat op 300 tot 5000 miljoen euro. Tijdens een rondleiding wordt je vooral overweldigd door de grote hoeveelheden marmer en andere dure materialen gebruikt voor dit project. Het is één van de twee moskeeën in Marokko die ook toegankelijk is voor niet-moslims. Een regel die overigens niet in het leven is geroepen door de gelovige moslims maar een erfenis is van het Franse protectoraat. Zij moesten hun lompe en onbeleefde soldaten in bescherming nemen om niet respectloos met schoenen nog aan naar binnen te banjeren.

Koningsstad Rabat (1956 – …)

Rabat is misschien wel de meest rustige en minst toeristische koningsstad. In tegenstelling tot de uit rood leem opgetrokken zuidelijke koningsstad Marrakech die letterlijk en figuurlijk helemaal ‘hot’ is. Rabat was totdat de Fransen kwamen nooit de residentie van de grote Sultans die Marrakech, Fès en Meknès verkozen. Het aantal historische monumenten is hier dan ook beperkter. De geschiedenis loopt echter wel terug tot de Almohaden die hier in de 12de eeuw hun kasbah bouwden als vesting ribat om op te rukken naar Spanje en als uitvalsbasis voor internationale handel. En misschien was het wel om geen scheve ogen te veroorzaken dat sultan Mohamed V er voor koos om na zijn terugkeer in het land Rabat als centrum van de administratieve en politieke macht te behouden. Ook nu nog is Rabat dé hoofdstad van Marokko en de residentie van de Koninklijke familie. Overigens ook het ‘heiligen-graf’ van sultan Mohamed V in Rabat is voor niet-moslims te bezoeken.